Zo leef je in het groene hart van Watt
27 maart '26
In nieuwbouwproject Watt komen twee daktuinen die het groene hart van het plan vormen. Deze tuinen liggen op de parkeergarage en zijn een baken van rust midden in de stad. Eline Keus van Oase Stedenbouw en Landschap is verantwoordelijk voor het ontwerp. Zij werkte aan een groene plek waar bewoners kunnen ontspannen, elkaar kunnen ontmoeten en zich verbonden voelen met de stad.
Een modern Leids hofje
Voor het ontwerp liet Keus zich inspireren door de typische Leidse hofjes. “Zo’n hofje is een besloten, veilige plek rond een gezamenlijke tuin. Met zitplekken, paden en veel groen. In Watt is dit idee vertaald naar twee groene daktuinen: tuinen waar je rustig kunt zitten, kunt ontmoeten of simpelweg kunt genieten van de natuur om je heen. De voordeuren en private zones liggen langs de randen van het blok, terwijl er centrale ruimtes zijn voor ontmoeting. Zo ontstaat een prettige balans tussen privé en gedeelde momenten.”
Twee tuinen met een eigen karakter
De twee daktuinen hebben elk een eigen sfeer en beleving, maar vormen samen wel een geheel. Ze zijn ontworpen als een soort tegenpolen: de ene tuin draait om licht, de andere om beschutting. De eerste tuin voelt als een kleine boswandeling. Je loopt tussen heesters en een gevarieerde bosondergrond naar een lichtere, open plek. “Door de technische beperkingen van het dak konden er geen grote bomen worden geplant, maar door slimme beplanting ontstaat toch het gevoel van een compact, rustig bos. De route naar het licht geeft de tuin een speels en bijna magisch karakter.”
De tweede tuin werkt juist andersom. “Hier loop je vanuit een open ruimte richting een boom die centraal staat. Deze boom wordt een echte blikvanger, zelfs vanaf straatniveau. We hebben gezocht naar een plek op het dak waar genoeg draagkracht is om de boom te kunnen planten.” Het resultaat is een open en lichte plek waar bewoners kunnen zitten en elkaar kunnen ontmoeten.
'Het bos' van blok A
Keus wil dat het groen op natuurlijke wijze gedijt in de omgeving. ‘Het bos’ van blok A bestaat uit smalle heesters met een fijne bladstructuur. Deze heesters groeien tot ongeveer acht meter hoog. “In de plantvakken gebruiken we een ondergrond die past bij een bosomgeving. Zo bestaat de basislaag uit grove stukken boomschors. Bij de keuze voor de beplanting letten we op de bladstructuur en geschiktheid voor schaduw. Bovendien gaan bewoners hier veel streekeigen soorten zien.
'De oase' van blok B
In ‘de oase’ van blok B staat één karakteristieke boom centraal: een meerstammige, breed uitgroeiende boom die bij het planten al een flink formaat heeft. Een magnolia of een vergelijkbare soort past goed bij deze plek. Het vak voor de planten heeft een lensvormig ontwerp en sluit aan bij de omliggende ruimte. Voor de beplanting letten we net als in de andere daktuin op bladstructuren, zon- en schaduwwerking, bloei en – waar mogelijk – streekeigen soorten.
Wandelroute
De tuinen zijn niet alleen toegankelijk voor bewoners. “Overdag kunnen wandelaars de trappen op, door de tuin lopen en via een brug doorsteken naar de andere kant. Het ontwerp maakt het mogelijk om de stad op een andere manier te beleven. Toch is het altijd een plek die veilig voelt: ’s avonds sluiten poorten de tuinen af en blijft het een rustige woonomgeving.”
Duurzaam en toekomstgericht
Onder beide tuinen ligt een systeem dat water opvangt. Zo kan het regenwater worden gebruikt om de planten van water te voorzien. Dat vermindert het gebruik van drinkwater en maakt de tuinen beter bestand tegen droge periodes. “Ook bieden de tuinen verkoeling in de warme maanden. Het groen zorgt namelijk voor schaduw en houdt warmte tegen”, aldus Keus. Daarnaast wordt de ruimte op slimme wijze benut: waar anders alleen een parkeergarage ligt, ontstaat nu extra leefruimte voor bewoners en stadgenoten.
Groene gevels bij de Stadswoningen
Ook de vier Stadswoningen in het Huigpark krijgen een groene uitstraling. “De gevels begroeien gedeeltelijk met rozen, aangevuld met andere klimplanten. De planten zorgen voor kleur, sfeer en een vriendelijke overgang van het gebouw naar het park.” Voor de Stadswoningen ligt ook een kleine groenstrook. “Hier kunnen bewoners een bankje neerzetten en genieten van de zon”, aldus Keus.
Iets te wensen overhouden
Keus droomt van een extra toevoeging in beide daktuinen: lichtkunst. “Denk aan een subtiele zon in de Lichtung (het bos van blok A) of een sterrenhemel boven de boom in de Oase (blok B). Zo’n kunstwerk zou de thema’s versterken en de tuinen ook ’s avonds een bijzondere sfeer geven. Het is nog een wens, maar wel een die perfect aansluit op de identiteit van de tuinen.”
Een plek om tot rust te komen
Over vijf jaar hoopt Keus een levendig, groen en volwassen landschap in Watt te zien. Spelende kinderen, bewoners die op hun bankje voor de deur zitten, voorbijgangers die even door de tuin lopen en vogels die de groene oase benutten. Een rustige, groene plek midden in de stad – een modern hofje waar je even kunt onthaasten. Dat is Watt.
De 51 appartementen en 4 Stadswoningen in Watt gaan naar verwachting in juni 2026 in verkoop.